GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA
de naamloze vennootschap OCEAN FAITH N.V.,
Uitspraak van 25 augustus 2025
Lar nr. AUA202404302
UITSPRAAK
op het verzoek van:
DE MINISTER VAN ALGEMENE ZAKEN, INNOVATIE, OVERHEIDSORGANISATIE, INFRASTRUCTUUR EN RUIMTELIJKE ORDENING ,
zetelend in Aruba,
DE MINISTER,
gemachtigde: de advocaat mr. A.F. Kuster,
tot veroordeling in de proceskosten, gemaakt in de beroepsprocedure op grond van artikel 23 van de Landsverordening administratieve rechtspraak (Lar) in de zaak van:
gevestigd in Aruba,
gemachtigde: de advocaat mr. V.C. Perše,
APPELLANTE,
gericht tegen:
DE MINISTER.
PROCESVERLOOP
Op 5 december 2024 heeft appellante beroep ingesteld tegen de beslissing van de minister van 25 oktober 2024, genomen op het bezwaar van appellant tegen de (fictieve) afwijzing van haar aanvraag om een precariovergunning.
De behandeling van het beroep stond geagendeerd voor 20 augustus 2025.
Bij emailbericht van 19 augustus heeft appellante bericht dat het beroep wordt ingetrokken.
Bij emailbericht van eveneens 19 augustus 2025 heeft de minister verzocht appellante in de door de minister gemaakte proceskosten te veroordelen.
OVERWEGINGEN
Voor een veroordeling van de indiener van een beroepschrift in de door een bestuursorgaan gemaakte proceskosten bestaat in de Lar noch in de daaromtrent ontwikkelde jurisprudentie (vergelijk ECLI:NL:OGEAA:2025:99) enige grondslag.
BESLISSING
De rechter in dit gerecht:
- wijst het verzoek af.
Deze beslissing is gegeven door mr. W.C.E. Winfield, rechter in dit gerecht, en werd uitgesproken ter openbare terechtzitting van 25 augustus 2025 in aanwezigheid van de griffier.
Informatie over hoger beroep
Tegen deze uitspraak kunnen alle partijen hoger beroep instellen bij het Gemeenschappelijk Hof van Justitie.
Het hoger beroepschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dagtekening van deze uitspraak.
Het hoger beroep moet worden ingediend bij het gerecht dat de uitspraak heeft gedaan.
De indiener van het hoger beroep moet in ieder geval:
Partijen kunnen gebruik maken van de mogelijkheid om binnen de gegeven hoger beroepstermijn te volstaan met een pro-forma hoger beroepschrift. Dit betekent dat de hoger beroepsgronden op een later moment worden ingediend.
Voor het instellen van het hoger beroep is griffierecht verschuldigd.