AUA2025H00155, AUA2025H00156 en AUA2025H00157
Datum uitspraak: 19 november 2025
gemeenschappelijk hof van jusTitie
van aruba, CURAÇAO, SINT MAARTEN
EN VAN BONAIRE, SINT EUSTATIUS EN SABA
Uitspraak op de hoger beroepen van:
Appellant 1, appellant 2, appellant 3, appellant 4, appellant 5 en appellant 6 (hierna: de omwonenden),
appellanten,
tegen de uitspraak van het Gerecht in eerste aanleg van Aruba (hierna: het Gerecht) van 4 juni 2025 in zaken nrs. AUA202302913, AUA202303025 en AUA202302911, in het geding tussen:
appellanten
en
de minister van Algemene Zaken, Innovatie, Overheidsorganisatie, Infrastructuur en Ruimtelijke Ordening (hierna: de minister)
Procesverloop
Op 18 november 2022 en aangevuld op 15 mei 2023 hebben de omwonenden drie handhavingsverzoeken ingediend bij de minister, met betrekking tot de bouwvergunningen met de nummers 0853-2019, 0899-2019 en 0994-2019 van Three Rivers Real Estate VBA (hierna: Three Rivers).
Op 7 maart 2023 hebben de omwonenden bezwaar gemaakt tegen het met een afwijzende beschikking gelijkgestelde uitblijven van een beschikking op hun verzoeken.
Bij beschikking van 7 juni 2023 heeft de minister de bezwaren ongegrond verklaard (hierna: de bestreden beschikking).
Bij uitspraak van 4 juni 2025 heeft het Gerecht de door de omwonenden daartegen ingestelde beroepen ongegrond verklaard.
Tegen deze uitspraak hebben de omwonenden hoger beroepen ingesteld.
De minister heeft een verweerschrift ingediend. Three Rivers heeft een schriftelijke uiteenzetting ingediend.
De omwonenden en Three Rivers hebben nadere stukken ingediend.
Het Hof heeft de zaak op een zitting behandeld op 9 oktober 2025. De omwonenden werden vertegenwoordigd door mr. M.B. Boyce, advocaat. De minister werd vertegenwoordigd door mr. V.M. Emerencia. Three Rivers werd vertegenwoordigd door mrs. M.R.M. Reinkemeyer en A.A. Ruiz, advocaten.
Overwegingen
Conclusie
7. Uit het voorgaande volgt dat er geen grond is voor handhavend optreden door de minister. Het Gerecht is terecht tot dezelfde conclusie gekomen. Het hoger beroep is daarom ongegrond. De uitspraak van het Gerecht wordt bevestigd. De minister hoeft geen proceskosten te vergoeden.
8. Het Hof merkt tot slot nog het volgende op. Uit deze uitspraak volgt dat Three Rivers zich, waar het gaat om de hoogte van de bouwwerken, aan de bouwvergunningen heeft gehouden. Voor handhaving is dus geen plaats. Dat neemt niet weg dat er voor de omwonenden als gevolg van (gebruikmaking van) de bouwvergunningen sprake is van een aanzienlijke wijziging van hun woon- en leefomgeving. Het Hof ziet dat ook, maar daarover hebben zij verschillende procedures gevoerd die tot het oordeel hebben geleid dat de bouwvergunningen rechtsgeldig door de minister zijn verleend.
Beslissing
Het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba:
bevestigt de aangevallen uitspraak.
Aldus vastgesteld door mr. J.Th. Drop, voorzitter, en mr. T.G.M. Simons en mr. E.J. Daalder, leden, in tegenwoordigheid van mr. M. Buntjer, griffier.
Uitgesproken in het openbaar op 19 november 2025.