ECLI:NL:RBAMS:2025:8315

ECLI:NL:RBAMS:2025:8315, Rechtbank Amsterdam, 29-10-2025, 13/221846-25

Instantie Rechtbank Amsterdam
Datum uitspraak 29-10-2025
Datum publicatie 04-11-2025
Zaaknummer 13/221846-25
Rechtsgebied Strafrecht; Europees strafrecht
Procedure Eerste en enige aanleg
Zittingsplaats Amsterdam
Jurisprudentie Netwerk (LiDo)
Aangehaald door 1 zaken
2 wettelijke verwijzingen

Aangehaald door

Wettelijke verwijzingen

BWBR0001854 BWBR0016664

Samenvatting

Pools executie-EAB. Overlevering toegestaan.

Uitspraak

RECHTBANK AMSTERDAM

INTERNATIONALE RECHTSHULPKAMER

Parketnummer: 13/221846-25

Datum uitspraak: 29 oktober 2025

UITSPRAAK

op de vordering van 13 augustus 2025 van de officier van justitie bij deze rechtbank tot het in behandeling nemen van een Europees aanhoudingsbevel (EAB).

Dit EAB is uitgevaardigd op 3 maart 2022 door de Circuit Court in Katowice, Polen (hierna: de uitvaardigende justitiële autoriteit) en strekt tot de aanhouding en overlevering van:

[de opgeëiste persoon] ,

geboren in [geboorteplaats] (Polen) op [geboortedag] 1991,

ingeschreven in de Basisregistratie Personen op het adres:

[BRP-adres] ,

wonende op het adres:

[woonadres] ,

hierna ‘de opgeëiste persoon’.

1. Procesgang

De behandeling van het EAB heeft plaatsgevonden op de zitting van 15 oktober 2025, in aanwezigheid van mr. K. van der Schaft, officier van justitie. De opgeëiste persoon is verschenen en is bijgestaan door zijn raadsman, mr. E. Boskma, advocaat te Alkmaar en door een tolk in de Poolse taal.

De rechtbank heeft de termijn waarbinnen zij op grond van de Overleveringswet (OLW) uitspraak moet doen over de verzochte overlevering met 30 dagen verlengd. Tevens heeft de rechtbank voor sluiting van het onderzoek ter zitting de gevangenhouding bevolen met gelijktijdige schorsing van dat bevel tot aan de uitspraak.

2. Identiteit van de opgeëiste persoon

Ter zitting heeft de opgeëiste persoon verklaard dat de bovenvermelde persoonsgegevens juist zijn en dat hij de Poolse nationaliteit heeft.

3. Grondslag en inhoud van het EAB

Het EAB vermeldt een vonnis van the District Court in Chorzów of 8 November 2011, referentie: UK 231/11.

Het EAB vermeldt dat de opgeëiste persoon in persoon is verschenen bij het proces dat tot de beslissing heeft geleid.

De overlevering wordt verzocht ten behoeve van de tenuitvoerlegging van een vrijheidsstraf voor de duur van twee jaar, door de opgeëiste persoon te ondergaan op het grondgebied van de uitvaardigende lidstaat. Van deze straf resteren volgens het EAB nog één jaar, acht maanden en vijfentwintig dagen. De vrijheidsstraf is aan de opgeëiste persoon opgelegd bij het hiervoor genoemde vonnis.

Dit vonnis betreft de feiten zoals die zijn omschreven in het EAB.

Standpunt van de verdediging

De opgeëiste persoon heeft aangevoerd dat hem in deze zaak een voorwaardelijke gevangenisstraf is opgelegd met een proeftijd van 5 jaar en een taakstraf en geldboete. De opgeëiste persoon heeft verklaard dat hij de taakstraf afgerond heeft, de geldboete betaald heeft en in de vijf jaren proeftijd geen nieuwe strafbare feiten heeft gepleegd. Daarnaast heeft hij verklaard nooit vast te hebben gezeten in verband met deze straf.

Standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat er geen weigeringsronden van toepassing zijn.

Oordeel van de rechtbank

De rechtbank begrijpt het verweer van de opgeëiste persoon zo dat er geen sprake meer is van een voor tenuitvoerlegging vatbare straf, nu de gevangenisstraf voorwaardelijk was opgelegd, hij geen strafbare feiten in de proeftijd heeft gepleegd en hij de taakstraf en geldboete voltooid heeft.

De rechtbank stelt vast dat in het EAB gesproken wordt van een opgelegde gevangenisstraf van twee jaar, waarvan volgens het EAB nog één jaar, acht maanden en vijfentwintig dagen resteren. De enkele mededeling van de opgeëiste persoon dat aan hem een voorwaardelijke gevangenisstraf was opgelegd, hij zich aan de voorwaarden heeft gehouden en intussen de proeftijd is verstreken doet de rechtbank, gelet op de inhoud van het EAB, niet tot het oordeel komen dat niet van de inhoud van het EAB op dit punt kan worden uitgegaan. De opgeëiste persoon heeft immers niet concreet onderbouwd waaruit blijkt dat de vermelde straf in het EAB niet juist is en dat er geen straf meer is om uit te voeren. De rechtbank ziet geen aanleiding de behandeling van de zaak aan te houden en nadere vragen te stellen aan de uitvaardigende justitiële autoriteit en verwerpt het verweer van de verdediging.

4. Strafbaarheid; feiten waarvoor dubbele strafbaarheid is vereist

De uitvaardigende justitiële autoriteit heeft de feiten niet aangeduid als feiten waarvoor het vereiste van toetsing van dubbele strafbaarheid niet geldt. Overlevering kan in dat geval worden toegestaan, indien voldaan wordt aan de eisen die in artikel 7, eerste lid, aanhef en onder b, OLW zijn neergelegd.

De rechtbank stelt vast dat hieraan is voldaan.

De feiten leveren naar Nederlands recht op:

diefstal, voorafgegaan van geweld tegen personen, gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden, terwijl het feit wordt gepleegd door twee of meer verenigde personen;

telkens: diefstal door twee of meer verenigde personen, waarbij de schuldige het weg te nemen goed onder zijn bereik heeft gebracht door middel van braak.

5. Slotsom

De rechtbank stelt vast dat het EAB voldoet aan de eisen van artikel 2 OLW. Verder staan geen weigeringsgronden aan de overlevering in de weg en is geen sprake van een geval waarin aan het EAB geen gevolg mag worden gegeven. Om die reden staat de rechtbank de overlevering toe.

6. Toepasselijke wetsbepalingen

De artikelen 311 en 312 Wetboek van Strafrecht en 2, 5 en 7 OLW.

7. Beslissing

STAAT TOE de overlevering van [de opgeëiste persoon] aan de Circuit Court in Katowice, Polen, voor de feiten zoals die zijn omschreven in onderdeel e) van het EAB.

Deze uitspraak is gedaan door

mr. J.G. Vegter, voorzitter,

mrs. E. de Rooij en M. Westerman, rechters,

in tegenwoordigheid van mr. F.K. Verbruggen, griffier,

en in het openbaar uitgesproken op de zitting van 29 oktober 2025.

Ingevolge artikel 29, tweede lid, OLW staat tegen deze uitspraak geen gewoon rechtsmiddel open.

Zittende Magistratuur

Rechter

  • mr. J.G. Vegter

Griffier

  • mr. F.K. Verbruggen

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand