ECLI:NL:RBAMS:2025:8937

ECLI:NL:RBAMS:2025:8937, Rechtbank Amsterdam, 20-11-2025, 81.185577.23

Instantie Rechtbank Amsterdam
Datum uitspraak 20-11-2025
Datum publicatie 20-11-2025
Zaaknummer 81.185577.23
Rechtsgebied Strafrecht
Procedure Tussenuitspraak
Zittingsplaats Amsterdam
Jurisprudentie Netwerk (LiDo)
Aangehaald door 1 zaken
1 wettelijke verwijzingen

Aangehaald door

Wettelijke verwijzingen

BWBR0002320

Samenvatting

Tussenvonnis. Het onderzoek ter terechtzitting dient te worden heropend, teneinde verdachte de gelegenheid te geven alsnog van zijn aanwezigheidsrecht gebruik te maken.

Uitspraak

RECHTBANK AMSTERDAM

Tussenvonnis

Afdeling Publiekrecht

Teams Strafrecht

Parketnummer: 81.185577.23

Datum uitspraak: 20 november 2025

Tussenvonnis van de meervoudige kamer voor de behandeling van strafzaken d.d. 20 november 2025 in de zaak tegen

[verdachte] ,

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1971,

[adres] , [woonplaats] .

1. Het onderzoek ter terechtzitting

Dit tussenvonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting van 6 november 2025, waarvan afzonderlijk proces-verbaal is opgemaakt. Tegen de niet verschenen verdachte is verstek verleend. Het openbaar ministerie is ter terechtzitting vertegenwoordigd door mr. M.R. Paardekooper.

2. Tenlastelegging

Aan verdachte is – kort gezegd – ten laste gelegd dat hij zich heeft schuldig gemaakt aan

feit 1:

het feitelijke leiding geven aan het door [naam B.V.] opzettelijk niet tijdig (laten) doen van bij de belastingwet voorziene aangiften, als bedoeld in de Algemene wet inzake rijksbelastingen, namelijk de aangiften voor de omzetbelasting over het vierde kwartaal van 2018 tot en met het derde kwartaal van 2021 en het vierde kwartaal van 2022, terwijl dat ertoe strekte dat te weinig belasting werd geheven;

feit 2:

het feitelijke leiding geven aan het door [naam B.V.] opzettelijk onjuist en/of onvolledig (laten) doen van bij de belastingwet voorziene aangiften, als bedoeld in de Algemene wet inzake rijksbelastingen, namelijk de aangiften voor de omzetbelasting over het eerste tot en met het derde kwartaal van 2018 en het vierde kwartaal van 2021 tot en met het derde kwartaal van 2022, terwijl dat ertoe strekte dat te weinig belasting werd geheven.

De volledige tenlastelegging is opgenomen in de bijlage die aan dit tussenvonnis is gehecht en geldt als hier ingevoegd.

3. Heropening onderzoek

Ter terechtzitting van 6 november 2025 is verdachte niet verschenen. De rechtbank heeft op de terechtzitting vastgesteld dat de betekening van de dagvaarding en oproeping van verdachte tijdig en op de juiste wijze heeft plaatsgevonden. De rechtbank heeft op grond hiervan verstek verleend tegen de niet verschenen verdachte en het onderzoek ter terechtzitting doen aanvangen. De officier van justitie heeft gerekwireerd en de rechtbank heeft het onderzoek ter terechtzitting gesloten en medegedeeld dat op 20 november 2025 uitspraak zal worden gedaan.

Op 12 november 2025 heeft mr. E.G.S. Roethof, advocaat te Amsterdam zich gesteld als raadsman van verdachte. Per e-mailbericht van diezelfde datum heeft de raadsman de rechtbank geïnformeerd dat verdachte niet op de hoogte was van de inhoudelijke behandeling van de strafzaak, doordat de dagvaarding voor de terechtzitting op 6 november 2025 verdachte niet heeft bereikt. Mr. Sewcharan, de Surinaamse advocaat van verdachte heeft hem niet geïnformeerd over de aanstaande zitting. Verdachte heeft via de media vernomen dat er een zitting had plaatsgevonden. Hij had graag de mogelijkheid gehad om zijn verhaal bij de rechtbank op zitting te doen. Gelet hierop heeft de raadsman de rechtbank verzocht het onderzoek te heropenen en een nadere datum te bepalen voor het voortzetten van de inhoudelijke behandeling van de strafzaak, dan wel een tussenvonnis te wijzen en daarin te bepalen dat de zaak op een nadere zitting verder inhoudelijk behandeld zal worden.

Standpunt van de officier van justitie

Het openbaar ministerie heeft zich verzet tegen heropening van het onderzoek en daarbij gewezen op het feit dat de betekening van de dagvaarding op correcte wijze heeft plaatsgevonden. In het licht van de rechtsgeldigheid van de betekening mocht de rechtbank uitgaan van het vermoeden dat de verdachte afstand had gedaan van zijn recht om in zijn tegenwoordigheid te worden berecht. Verdachte wist van het strafrechtelijk onderzoek, wat blijkt uit het feit dat hij een Surinaamse advocaat heeft ingeschakeld toen het Openbaar Ministerie hem wilde laten horen in Suriname in mei 2024. Deze advocaat is via een e-mail d.d. 1 september 2025 door het Openbaar Ministerie op de hoogte gesteld van de zittingsdatum.

Beoordeling van de rechtbank

De betekening van de dagvaarding heeft tijdig en op de juiste wijze plaatsgevonden. Gezien het standpunt van de (Nederlandse) raadsman van verdachte, staat het naar het oordeel van de rechtbank niet vast dat de dagvaarding verdachte feitelijk heeft bereikt en hij op de hoogte was van de zittingsdatum. De conclusie dat de Surinaamse advocaat verdachte heeft geïnformeerd over de zittingsdatum, kan gelet op dit standpunt niet met voldoende zekerheid worden getrokken.

De rechtbank is van oordeel dat, gelet op de jurisprudentie van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens over het aanwezigheidsrecht, verdachte de mogelijkheid dient te krijgen om alsnog bij de behandeling van zijn zaak ter terechtzitting aanwezig te zijn. De rechtbank ziet in het voorgaande aanleiding om het onderzoek te heropenen. Het onderzoek wordt geschorst en zal worden hervat tijdens een nieuwe inhoudelijke zitting die plaats zal vinden op 24 februari 2026 om 13:30 uur. Voor de behandeling van de zaak zal 90 minuten worden uitgetrokken.

4. Beslissing

De rechtbank:

- heropent het onderzoek ter terechtzitting;

- schorst het onderzoek ter terechtzitting en beveelt dat het onderzoek ter terechtzitting wordt hervat op 24 februari 2026 om 13:30 uur;

- beveelt de oproeping van verdachte en zijn raadsman voor het onderzoek ter terechtzitting op voornoemde datum.

Dit vonnis is gewezen door

mr. M. Vaandrager, voorzitter,

mrs. H.J. Bos en M. Smayel, rechters,

in tegenwoordigheid van mr. S.D. Riggelink, griffier

en uitgesproken op de openbare terechtzitting van deze rechtbank van 20 november 2025.

Zittende Magistratuur

Rechter

  • mr. M. Vaandrager

Griffier

  • mr. S.D. Riggelink

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand