ECLI:NL:RBAMS:2026:8721

ECLI:NL:RBAMS:2026:8721

Instantie Rechtbank Amsterdam
Datum uitspraak 25-08-2026
Datum publicatie 01-09-2026
Zaaknummer 12322856 CV EXPL 26-9483
Rechtsgebied Civiel recht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Amsterdam

Samenvatting

Huurzaak verstek. Ambtshalve toetsing ogv Richtlijn 93/13 EG (de Richtlijn oneerlijke bedingen). Afwijzing wettelijke rente, vanwege oneerlijke combinatie van rente- en boetebeding. Wel toewijzing proceskosten, ondanks oneerlijk proceskostenbeding.

Uitspraak

RECHTBANK AMSTERDAM

vonnis van de kantonrechter

de stichting Woningstichting Rochdale

[gedaagde]

Verloop van de procedure

vonnis

Afdeling privaatrecht

zaaknummer: 12322856 CV EXPL 26-9483

vonnis van: 25 augustus 2026

fno.: 506

I n z a k e

gevestigd en kantoorhoudende te Amsterdam

eisende partij

gemachtigde: GGN Mastering Credit B.V.

t e g e n

wonende te [woonplaats]

gedaagde partij

niet verschenen

Eisende partij heeft gedaagde partij gedagvaard. Gedaagde partij is niet verschenen. Tegen gedaagde partij is verstek verleend. De datum voor vonnis is bepaald op vandaag.

Gronden van de beslissing

1. Eisende partij vordert ontbinding van de huurovereenkomst en ontruiming van het gehuurde alsmede betaling van de huurachterstand en afrekening servicekosten 2025 vermeerderd met rente en proceskosten.

Besluit Gemeentelijke Schuldhulpverlening

2. De kantonrechter heeft vastgesteld dat eisende partij heeft voldaan aan de informatieplicht en de meldplicht als bedoeld in artikel 2 van Besluit Gemeentelijke Schuldhulpverlening.

Ambtshalve toetsing oneerlijke bedingen

3. In deze procedure gaat het om een overeenkomst tussen een handelaar en een consument. Daarom moet ambtshalve worden getoetst aan het Europese en Nederlandse consumentenrecht, met name aan Richtlijn 93/13 EG (de Richtlijn oneerlijke bedingen). Als er oneerlijke bepalingen in de huurovereenkomst of de algemene voorwaarden staan, moet de kantonrechter deze buiten toepassing laten. Eisende partij mag die bepalingen dan niet gebruiken en zij mag ook geen beroep meer doen op aanvullend recht (zie ECLI:EU:C:2021:68).

4. Eisende partij heeft de tussen partijen gesloten huurovereenkomst met betrekking tot de woning gelegen aan het adres [adres] en de daarop van toepassing zijnde Algemene Huurvoorwaarden Woonruimte (versie 2018) Woningstichting Rochdale (verder: de algemene voorwaarden) in het geding gebracht.

5. Eisende partij heeft bij dagvaarding het standpunt ingenomen dat in de algemene voorwaarden geen bedingen zijn opgenomen die als oneerlijk kunnen worden gekwalificeerd.

6. Het huurprijsbeding (artikel 4.2, eerste zin) in de huurovereenkomst en het servicekostenbeding (artikel 4.3 en de daarbij horende specificatie bijlage c) in de huurovereenkomst zijn kernbedingen. Deze bedingen zijn transparant en op grond van artikel 4 lid 2 van de Richtlijn uitgesloten van verdere toetsing op oneerlijkheid.

7. De bedingen die voor de beoordeling van de onderhavige vordering relevant zijn, te weten artikel 4.2 (tweede zin - huurprijswijziging) van de huurovereenkomst en de artikelen 4.1 (afrekening servicekosten ) en 4.2 (wijziging voorschot servicekosten) van de algemene voorwaarden zijn getoetst en worden niet oneerlijk bevonden.

8. Ook de artikelen 6.1, 13.1, 13.2 (eerste alinea) en 15 van de algemene voorwaarden zijn getoetst. Deze artikelen luiden als volgt:

Artikel 6

6.1

Huurder voldoet de te betalen prijs voor het gehuurde in zijn geheel, bij vooruitbetaling, vóór de eerste van de maand door betaling van het verschuldigde bedrag op de door verhuurder aangegeven wijze. Vanaf de eerste dag van de maand is huurder voor de termijn voor die maand in verzuim en is hij wettelijke rente verschuldigd.

Artikel 13

13.1

Indien één der partijen in verzuim is met de nakoming van enige verplichting, welke ingevolge de wet en/of de huurovereenkomst op hem rust en daardoor door de andere partij gerechtelijke en/of buitengerechtelijke maatregelen moeten worden genomen, zijn alle daaruit voortvloeiende kosten voor rekening van die ene partij.

13.2

Indien één van de partijen een uit hoofde van de overeenkomst of uit andere hoofde overeengekomen verschuldigd bedrag niet volledig en stipt op de vervaldag voldoet, dan verkeert deze partij direct vanaf de vervaldag in verzuim en is deze partij vanaf die dag de wettelijke rente verschuldigd.

(…..)

Artikel 15

Indien huurder enige bepaling uit deze Algemene Huurvoorwaarden overtreedt, is huurder ten behoeve van verhuurder een onmiddellijk opeisbare boete verschuldigd van € 25,-- (prijspeil november 2013 geïndexeerd volgens de CBS Consumentenprijsindex, Alle Huishoudens) per kalenderdag met een maximum van € 15.000,--, onverminderd de verplichting van huurder om alsnog overeenkomstig deze Algemene Huurvoorwaarden te handelen en onverminderd het recht van verhuurder op schadevergoeding.

9. Over de artikelen 6.1, 13.2 (eerste alinea) en 15 van de algemene voorwaarden, zoals hiervoor zijn geciteerd, wordt het volgende overwogen. Artikelen 6.1 en 13.2 (eerste alinea) zijn op zichzelf niet oneerlijk, nu daarin aanspraak wordt gemaakt op wettelijke rente. Door de combinatie van deze bedingen met artikel 15 kan eisende partij in geval van niet-tijdige betaling van de huur echter zowel aanspraak maken op rente als op een boete. Dat is oneerlijk.

10. Ook artikel 13.1 van de algemene voorwaarden is oneerlijk omdat het de mogelijkheid biedt om meer proceskosten in rekening te brengen dan bij wet voorzien. De kantonrechter is op grond van de wet gehouden om de in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten te veroordelen en deze proceskosten worden vastgesteld conform het liquidatietarief. De Hoge Raad heeft op 4 juli 2025 (ECLI:NL:HR:2025:1081) de prejudiciële vraag aan het Hof van Justitie van de Europese Unie (HvJEU) gesteld, kort gezegd, of een consument met toepassing van artikel 237 Rv kan worden veroordeeld in de proceskosten na vernietiging van het oneerlijke proceskostenbeding. Zolang hierover geen duidelijkheid bestaat, acht de kantonrechter het geheel achterwege laten van een proceskostenveroordeling in het geval van een huurovereenkomst niet aangewezen. De proceskosten zullen dan ook volgens het gebruikelijke liquidatietarief worden toegewezen.

11. Het voorgaande betekent dat de onder r.o. 8 geciteerde bedingen buiten toepassing worden gelaten en de gevorderde wettelijke rente niet toewijsbaar is.

De vordering

12. De vordering komt voor het overige niet onrechtmatig of ongegrond voor, behoudens hieronder met betrekking tot de ontruimingstermijn nog is overwogen.

13. De ontruimingstermijn wordt gesteld op twee weken.

14. Gedaagde partij wordt veroordeeld in de proceskosten.

BESLISSING

De kantonrechter:

ontbindt de tussen partijen bestaande huurovereenkomst met betrekking tot de onroerende zaak (de woning) gelegen aan het adres [adres];

veroordeelt gedaagde partij om deze onroerende zaak met al wie en al wat zich daarin vanwege gedaagde partij bevindt, binnen twee weken na betekening van dit vonnis te ontruimen en te verlaten en met overgifte van de sleutels geheel ter vrije beschikking van eisende partij te stellen, welke ontruiming zo nodig door de deurwaarder bewerkstelligd kan worden met behulp van de sterke arm conform het in artikel 555 e.v. jo. 444 Rv bepaalde;

veroordeelt gedaagde partij om te betalen aan eisende partij:

a) € 3.561,09 ter zake van achterstallige huur, berekend tot en met 30 juni 2026 en de afrekening servicekosten 2025;

b) € 866,02 per maand vanaf 1 juli 2026 tot en met de dag waarop de ontruiming plaatsvindt;

veroordeelt de gedaagde partij in de kosten van het geding, aan de zijde van de eisende partij tot aan deze uitspraak begroot op: € 153.02 aan explootkosten, € 253,00 aan salaris gemachtigde, € 529,00 aan griffierecht en € 126,50 aan nakosten voor zover van toepassing, inclusief BTW, te vermeerderen met de kosten van betekening, te voldoen binnen veertien dagen na betekening van dit vonnis;

verklaart de veroordelingen uitvoerbaar bij voorraad;

wijst het meer of anders gevorderde af.

Dit vonnis is gewezen door mr. C. Kraak, kantonrechter, en in het openbaar uitgesproken op 25 augustus 2026 in tegenwoordigheid van de griffier.

Zittende Magistratuur

Rechter

  • mr. C. Kraak

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand