RECHTBANK AMSTERDAM
Civiel recht
Kantonrechter
Zaaknummer: 11849099 \ CV EXPL 25-11417
Vonnis van 26 februari 2026
in de zaak van
de besloten vennootschap HILTERMANN LEASE B.V.,
gevestigd te Hoofddorp,
eisende partij,
gemachtigde: [gemachtigde] ,
tegen
[gedaagde] (h.o.d.n. [handelsnaam] ),
wonende en zaakdoende te [verzoeksters] ,
gedaagde partij,
niet verschenen.
1. Verder verloop van de procedure
Het verdere verloop van de procedure blijkt uit:
- het tussenvonnis van 16 oktober 2025,
- de akte van eisende partij.
Ten slotte is vonnis bepaald.
2. De beoordeling
Eisende partij heeft gevorderd zoals is vermeld in de dagvaarding waarmee deze procedure is ingeleid. De inhoud van deze dagvaarding moet als hier herhaald en ingelast worden beschouwd.
Bij tussenvonnis is eisende partij in de gelegenheid gesteld nader te onderbouwen met welk doel de overeenkomst is aangegaan, omdat niet uit te sluiten is dat gedaagde partij de overeenkomst is aangegaan als consument. Immers, gelet op de aard van het leaseobject (Volkswagen T-Roc) in combinatie met de activiteiten van de eenmanszaak (kinderopvang) is, zonder nadere toelichting die ontbreekt, niet uit te sluiten dat gedaagde partij de overeenkomst is aangegaan als consument.
In haar akte merkt eisende partij het volgende op. Uit vaste jurisprudentie van het Hof van Justitie blijkt dat gedaagde partij slechts als consument kan worden aangemerkt wanneer de contractuele verbintenis géén functioneel verband houdt met de beroepsactiviteit van de onderneming. Zodra de overeenkomst een functionele band heeft met de uitoefening van de onderneming, valt zij buiten de Richtlijn 2011/83/EU betreffende consumentenrechten (hierna: de richtlijn).
Vervolgens geeft eisende partij een nadere toelichting op de totstandkoming van de leaseovereenkomst in de onderhavige zaak.
Eisende partij biedt financial lease aan, een product dat zich enkel richt op de zakelijke markt. Om hiertoe een aanvraag in te dienen heeft gedaagde partij, die een auto wilde leasen, zich gemeld via een leverancier. Tussen eisende partij en de intermediair is een Samenwerkingsovereenkomst opgesteld. Hierin is onder andere bepaald dat de intermediair de vereiste gegevens en informatie verstrekt en dat eisende partij voor aanvragen Nederlandse rechtsvormen met inschrijving in de Kamer van Koophandel kan accepteren of weigeren.
In deze zaak is de leverancier Autobedrijf Jentje Zantema B.V. uit Joure en de intermediair Nationale Autolease B.V. De intermediair heeft namens gedaagde partij een aanvraag ingediend voor een zakelijk product, namelijk financial lease. Hiertoe zijn de benodigde stukken aangeleverd. Hierbij valt het volgende op:
de drie-partijen overeenkomst is aangegaan met de eenmanszaak;
de factuur die de basis vormt voor de aanvraag is op naam van de juridische entiteit gezet en niet op de natuurlijke persoon. Hier staat dat de factuur is gericht ter attentie van ‘ [handelsnaam] ’;
bij aanlevering is een uittreksel uit het Handelsregister van de KvK aangeleverd;
het voertuig waarvoor de aanvraag voor een zakelijke financiering is aangevraagd kan worden gebruikt voor de diensten waarvoor de onderneming bij het KvK is ingeschreven. Van belang is dat het object, een Volkswagen T-Roc, naar aard en uitvoering geschikt is voor gebruik binnen de bedrijfsactiviteiten van de eenmanszaak, te weten kinderopvang.
Op de website van Nationale Autolease staat duidelijk vermeld dat het bij financial lease gaat om “zakelijk een auto te leasen”. Onder het kopje ‘Financial Lease’ staat ook nog eens “Ben je van plan een auto te leasen voor jouw bedrijf?”. Hieruit volgt dat gedaagde partij, nog voordat hij het contract aangeboden krijgt, verscheidene uitingen heeft kunnen zien om te weten dat er sprake is van een zakelijke overeenkomst. Daarnaast merkt eisende partij nog op dat de Volkswagen T-Roc naar aard en uitvoering geschikt is voor gebruik binnen de bedrijfsactiviteiten van de eenmanszaak, te weten kinderopvang.
Uit het voorgaande volgt dat eisende partij geslaagd is om afdoende concrete feiten en omstandigheden aan te dragen, die door gedaagde partij ook niet zijn bestreden, om aan te nemen dat gedaagde partij de overeenkomst zakelijk is aangegaan. Ambtshalve toetsing aan het consumentenrecht is daarom niet aan de orde.
Nu de vordering voor het overige, voor zover hier onder niet anders is beslist, niet ongegrond of onrechtmatig voorkomt, zal deze worden toegewezen.
De gevorderde rente over de buitengerechtelijke incassokosten en/of over rente (al dan niet opgenomen in de opgegeven hoofdsom) wordt afgewezen nu ter zake onvoldoende is gesteld.
Gedaagde partij wordt als de in het ongelijk gestelde partij veroordeeld in de proceskosten van eisende partij.
3. De beslissing
De kantonrechter
verklaart voor recht dat de financiële leaseovereenkomst met betrekking tot de Volkswagen, type: T-Roc, met kenteken [kenteken] is ontbonden;
veroordeelt gedaagde partij tot betaling aan eisende partij van:
- € 7.201,66 aan hoofdsom, te vermeerderen met de contractuele rente (zijnde 1,5% per maand) over dit bedrag vanaf 17 juli 2025 tot aan de dag van algehele voldoening;
- € 1.297,01 aan vervallen rente;
- € 720,17 aan buitengerechtelijke kosten;
veroordeelt gedaagde partij in de proceskosten, aan de zijde van gedaagde partij tot op heden begroot op € 1.023,78 (€ 120,78 aan explootkosten, € 543,00 aan griffierecht en € 360,00 aan salaris gemachtigde) en € 144,00 aan nakosten, te vermeerderen met de kosten van betekening, te voldoen binnen veertien dagen na betekening van dit vonnis;
verklaart de veroordelingen uitvoerbaar bij voorraad;
wijst het meer of anders verzochte af.
Dit vonnis is gewezen door mr. E. Pennink en in het openbaar uitgesproken op
26 februari 2026.
519