ECLI:NL:RBDHA:2025:21915

ECLI:NL:RBDHA:2025:21915, Rechtbank Den Haag, 20-11-2025, NL25.54955

Instantie Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak 20-11-2025
Datum publicatie 20-11-2025
Zaaknummer NL25.54955
Rechtsgebied Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Middelburg
Jurisprudentie Netwerk (LiDo)
Aangehaald door 1 zaken
1 wettelijke verwijzingen

Aangehaald door

Wettelijke verwijzingen

BWBR0011823

Samenvatting

Vervolgberoep bewaring, zicht op uitzetting, voortvarend handelen, beroep ongegrond.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen

[eiser], eiser

de minister van Asiel en Migratie, verweerder.

Zittingsplaats Middelburg

Bestuursrecht

zaaknummer: NL25.54955

V-nummer: [V-nummer]

(gemachtigde: mr. G.M.H. Vriesde),

en

Procesverloop

Verweerder heeft op 15 juli 2025 aan eiser de maatregel van bewaring op grond van artikel 59, eerste lid, aanhef en onder a, van de Vreemdelingenwet 2000 (Vw) opgelegd. Deze maatregel duurt nog voort.

Verweerder heeft de rechtbank van deze voortduring in kennis gesteld. Deze kennisgeving

wordt gelijkgesteld met een door eiser ingesteld beroep. Dit beroep moet tevens worden aangemerkt als een verzoek om schadevergoeding.

Verweerder heeft een voortgangsrapportage overgelegd. Eiser heeft hierop gereageerd.

De rechtbank heeft bepaald dat een onderzoek ter zitting achterwege blijft en heeft het onderzoek op 13 november 2025 gesloten.

Overwegingen

1. Eiser stelt van Nigeriaanse nationaliteit te zijn en te zijn geboren op [datum] 1987.

2. Indien de rechtbank van oordeel is dat de toepassing of tenuitvoerlegging van de maatregel van bewaring in strijd is met de Vw dan wel bij afweging van alle daarbij betrokken belangen in redelijkheid niet gerechtvaardigd is, verklaart zij op grond van artikel 96, derde lid, van de Vw het beroep gegrond en beveelt zij de opheffing van de maatregel of een wijziging van de wijze van tenuitvoerlegging daarvan.

3. De rechtbank stelt voorop dat zij deze maatregel van bewaring al eerder heeft getoetst. Uit de uitspraak van deze rechtbank en zittingsplaats van 31 juli 2025 volgt dat de maatregel van bewaring tot het moment van het sluiten van het onderzoek dat aan die uitspraak ten grondslag ligt, rechtmatig was. Daarom staat alleen ter beoordeling of de maatregel van bewaring rechtmatig is vanaf het moment van het sluiten van het onderzoek in het laatste beroep op 30 juli 2025.

4. Eiser voert aan dat hij op 17 oktober 2025 is gepresenteerd, maar dat de Nigeriaanse autoriteiten zijn nationaliteit niet hebben bevestigd. Op 20 oktober 2025 is een aanvullend identiteitsonderzoek gestart, maar uit het voortgangsrapport blijkt niet welke stappen worden ondernomen om eisers identiteit vast te stellen. Voor eiser is, ondanks meerdere rappels, nog geen LP afgegeven. Verweerder handelt niet voldoende voortvarend.

De rechtbank oordeelt als volgt.

5. Hoewel eisers nationaliteit tot op heden niet is bevestigd door de Nigeriaanse autoriteiten, is er geen reden om aan te nemen dat het zicht op uitzetting naar Nigeria in zijn geval ontbreekt. Uit de op 4 november 2025 overgelegde voortgangsrapportage volgt dat in aansluiting op de presentatie van 17 oktober 2025, waarbij eisers nationaliteit niet is bevestigd, een vervolgonderzoek in Nigeria is gestart naar de identiteit van eiser. Hiermee laten de Nigeriaanse autoriteiten zien dat zij bereid zijn tot de afgifte van een LP indien de Nigeriaanse nationaliteit kan worden vastgesteld.

6. Uit het voortgangsrapport blijkt verder dat sinds het sluiten van het onderzoek in de vorige procedure periodiek schriftelijk navraag is gedaan bij de Nigeriaanse autoriteiten naar de afgifte van een LP en dat behalve op 17 oktober jl. al eerder op 4 september jl. een presentatie is gepland waar eiser niet is verschenen. Op 20 oktober 2025 is ten behoeve van het identiteitsonderzoek informatie gestuurd naar Nigeria. Ook zijn regelmatig vertrekgesprekken gevoerd met eiser (het laatste vertrekgesprek dateert van 31 oktober 2025). Gelet hierop werkt verweerder voldoende voortvarend aan het vertrek van eiser.

7. Ook overigens is niet gebleken dat het voorduren van de maatregel van bewaring tot het moment van het sluiten van het onderzoek op enig moment onrechtmatig is geweest.

8. Het beroep is ongegrond. Daarom wordt ook het verzoek om schadevergoeding afgewezen.

9. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De rechtbank:

- verklaart het beroep ongegrond;

- wijst het verzoek om schadevergoeding af.

Deze uitspraak is gedaan op 20 november 2025 door mr. J.F.I. Sinack, rechter, in aanwezigheid van mr. E.C. Jacobs, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.

De uitspraak is bekendgemaakt op:

Rechtsmiddel

Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.

Zittende Magistratuur

Rechter

  • mr. J.F.I. Sinack

Griffier

  • mr. E.C. Jacobs

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand