RECHTBANK DEN HAAG
[verzoeker] , V-nummer: [V-nummer] , verzoeker (gemachtigde: mr. H. Loth),
de minister van Asiel en Migratie, (gemachtigde: mr. N. Hamzaoui).
uitspraak
Zittingsplaats Utrecht Bestuursrecht zaaknummer: NL26.29539
uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen
en
Procesverloop
Bij besluit van 20 mei 2026 (het bestreden besluit) heeft de minister de termijn waarin Nederland verzoeker kan overdragen aan een andere lidstaat verlengd.
Verzoeker heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Hij heeft verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.
De minister heeft een verweerschrift ingediend.
De rechtbank heeft het beroep, samen met de zaak NL26.29538, op 23 juni 2026 op zitting behandeld. Verzoeker is verschenen, bijgestaan door zijn gemachtigde. Als tolk is verschenen M. Sivridag. De minister heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde.
Overwegingen
Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer NL26.29538, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af.
Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
Beslissing
De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. G. Schnitzler, rechter, in aanwezigheid van mr. M.A.W.M. Engels, griffier.
De uitspraak is uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op:
07 juli 2026