ECLI:NL:RBMNE:2025:5300

ECLI:NL:RBMNE:2025:5300, Rechtbank Midden-Nederland, 10-09-2025, C/16/582321 / JE RK 24-1630

Instantie Rechtbank Midden-Nederland
Datum uitspraak 10-09-2025
Datum publicatie 17-10-2025
Zaaknummer C/16/582321 / JE RK 24-1630
Rechtsgebied Civiel recht; Personen- en familierecht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Utrecht
Jurisprudentie Netwerk (LiDo)
Verwijst naar 2 zaken
Aangehaald door 1 zaken

Verwijst naar

Aangehaald door

Samenvatting

Vervolg op gerechtshof ECLI:NL:GHARL:2025:2619. Hof verzuimt te beslissen op resterend deel inleidend verzoek na vernietiging beschikking. Vaststelling dat procedure bij rechtbank geëindigd is.

Uitspraak

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Familie- en Jeugdrecht

Locatie Utrecht

Zaaknummer: C/16/582321 / JE RK 24-1630

Datum uitspraak: 10 september 2025

Beschikking van de kinderrechter over een verlenging machtiging tot uithuisplaatsing

in de zaak van

de gecertificeerde instelling Leger des Heils Jeugdbescherming & Reclassering, gevestigd te Utrecht,

hierna te noemen de GI,

over

[minderjarige 1] , geboren op [geboortedatum] 2014 in Artemivsk (Oekraïne),

hierna te noemen [minderjarige 1] ,

[minderjarige 2] , geboren op [geboortedatum] 2017 in [geboorteplaats] (Oekraïne),

hierna te noemen [minderjarige 2] .

De kinderrechter merkt als belanghebbenden aan:

[moeder] ,

hierna te noemen de moeder,

zonder bekende woon- of verblijfplaats,

advocaat mr. M. van Harskamp te Utrecht,

[vader] ,

hierna te noemen de vader,

zonder bekende woon- of verblijfplaats.

1. Het verdere verloop van de procedure

Voor het procesverloop en de feiten verwijst de kinderrechter naar de eerdere beschikking van 28 november 2024.

De moeder heeft tegen die beschikking hoger beroep ingesteld. Bij beschikking van 29 april 2025 heeft het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden daarop beslist. De beschikking waarvan beroep is daarbij met ingang van 15 mei 2025 vernietigd.

Aangezien het gerechtshof formeel geen beslissing heeft genomen over het resterende deel van het inleidende verzoek ingaande 15 mei 2025, waarvan een gedeelte was aangehouden, is de procedure bij de rechtbank formeel niet geëindigd.

Voor de goede orde zal de kinderrechter dat zonder nadere zitting alsnog ambtshalve doen. De betrokken partijen worden hierdoor niet in hun procedurele belangen geschaad.

2. De beoordeling

De GI heeft eerder verzocht de ondertoezichtstelling van [minderjarige 1] en [minderjarige 2] met ingang van 12 december 2024 te verlengen voor de duur van een jaar. Ook heeft de GI verzocht de machtiging tot uithuisplaatsing van [minderjarige 1] en [minderjarige 2] in een voorziening voor pleegzorg voor de duur van de ondertoezichtstelling te verlengen.

Bij beschikking van 28 november 2024 heeft de kinderrechter de ondertoezichtstelling van [minderjarige 1] en [minderjarige 2] met een jaar verlengd, tot 12 december 2025. De machtiging tot uithuisplaatsing van [minderjarige 1] en [minderjarige 2] in een voorziening voor pleegzorg is verlengd tot 12 september 2025. De beslissing op het verzoek is voor het overige aangehouden. In verband daarmee is GI verzocht om de rechtbank uiterlijk 1 augustus 2025 te berichten over de laatste stand van zaken en of zij het resterende deel van het verzoek handhaafde.

Het gerechtshof heeft in hoger beroep de beschikking van 28 november 2024 bekrachtigd, voor zover het gaat om de verlenging van de ondertoezichtstelling en de machtiging tot uithuisplaatsing tot 15 mei 2025. Met ingang van 15 mei 2025 is de beschikking vernietigd.

Een vernietiging van een beslissing op een verzoek om een maatregel als hier aan de orde, brengt met zich dat er een andere beslissing op het resterend deel van het inleidend verzoek genomen moet worden. Dat heeft het gerechtshof echter verzuimd te doen.

De kinderrechter leidt uit de beslissing van het gerechtshof, gelet op de daaraan ten grondslag gelegde motivering, af dat het gerechtshof beoogd heeft de maatregelen van de ondertoezichtstelling en de machtiging uithuisplaatsing met ingang van 15 mei 2025 te beëindigen. Het gerechtshof had dus in het dictum de verzoeken van de GI ingaande 15 mei 2025 alsnog moeten afwijzen. Door dit niet te doen is dat deel van het verzoek in het luchtledige blijven hangen. Dat is ongewenst, maar dat kan de rechtbank niet voor het gerechtshof doen.

De kinderrechter stelt om die reden ambtshalve vast dat door de beoogde beëindiging van de ondertoezichtstelling en de machtiging tot uithuisplaatsing door de beschikking van het Gerechtshof, ook de procedure bij de rechtbank is geëindigd.

3. De beslissing

De kinderrechter:

stelt vast dat de procedure is geëindigd.

Tegen eindbeslissingen in deze beschikking is hoger beroep mogelijk bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden. Hiervoor is een advocaat nodig. Wie kunnen hoger beroep instellen:

Zittende Magistratuur

Griffier

  • mr. L.A. Nettekoven als

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand