ECLI:NL:RBMNE:2026:6144

ECLI:NL:RBMNE:2026:6144

Instantie Rechtbank Midden-Nederland
Datum uitspraak 07-08-2026
Datum publicatie 05-09-2026
Zaaknummer C/16/605820 / FO RK 26-64
Rechtsgebied Civiel recht; Personen- en familierecht
Procedure Beschikking
Zittingsplaats Utrecht

Samenvatting

Aanhouding beslissing over verhuizing, hoofdverblijf en zorgregeling. Ouders moeten uitvoering geven aan afspraak in ouderschapsplan (OP) om bij voornemen tot verhuizing met elkaar te beoordelen of dat aanleiding vormt tot aanpassing van afspraken in OP.

Uitspraak

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Familierecht

Locatie Utrecht

Zaaknummer: C/16/605820 / FO RK 26-64

Verhuisverbod, voorwaardelijk verzoek terugverhuizing, nakoming ouderschapsplan, toestemming verhuizing, hoofdverblijfplaats, zomervakantieregeling, voorwaardelijk verzoek zorgregeling

Beschikking van 7 augustus 2026

in de zaak van:

[de vader] ,

wonend in [woonplaats] ,

hierna te noemen: de vader,

advocaat N. Grijmans,

tegen

[de moeder] ,

wonend in [woonplaats] ,

hierna te noemen: de moeder,

advocaat mr. D.W.M. de Haan.

1. De procedure

De rechtbank heeft de volgende stukken ontvangen:

het verzoekschrift van de vader (met bijlagen), ontvangen op 21 januari 2026;

het F9-formulier van de vader (met bijlage), ontvangen op 5 februari 2026;

het verweerschrift van de moeder met zelfstandige verzoeken (met bijlagen), ontvangen op 9 juni 2026;

de brief van de vader (met bijlage), ontvangen op 10 juni 2026.

De verzoeken zijn door de meervoudige kamer (drie rechters) besproken tijdens de mondelinge behandeling (zitting) van 17 juni 2026. Daarbij waren partijen en hun advocaten aanwezig.

De Raad voor de Kinderbescherming heeft zich van tevoren afgemeld voor de zitting, omdat er geen zittingsvertegenwoordiger beschikbaar was.

De rechtbank heeft [minderjarige] , de dochter van partijen, in de gelegenheid gesteld haar mening over de verzoeken te geven. Zij heeft een brief gestuurd.

2. Waar de procedure over gaat

Partijen zijn met elkaar getrouwd geweest. Bij beschikking van [datum echtscheiding] 2017 is de echtscheiding tussen hen uitgesproken. De echtscheidingsbeschikking is op 4 januari 2018 ingeschreven in de registers van de burgerlijke stand.

Partijen zijn de ouders van de minderjarige [minderjarige] , geboren op [geboortedatum] 2016 in [geboorteplaats] .

De ouders hebben samen het gezag over [minderjarige] . Dat betekent dat zij samen de belangrijke beslissingen over haar moeten nemen.

De ouders zijn in het ouderschapsplan van 29 november 2017 de volgende zorgregeling overeengekomen:

[minderjarige] is elke week op woensdag, donderdag en vrijdag en om de week in het weekend bij de moeder;

[minderjarige] is elke week op maandag en dinsdag en om de week in het weekend bij de vader.

Over de woonplaats van [minderjarige] hebben de ouders het volgende afgesproken:

“3. [minderjarige] zal woonachtig zijn bij de moeder en ook op haar adres worden ingeschreven

in de basisregistratie personen (BRP).

4. Indien één van de ouders het voornemen heeft te verhuizen, dan zullen zij dit vooraf

met elkaar bespreken en beoordelen of dit aanleiding vormt tot aanpassing van

bepaalde afspraken in dit ouderschapsplan.

5. De huidige woonplaats van vader en moeder is [woonplaats] . Indien één van de ouders

besluit te verhuizen buiten een straal van 15 kilometer van [woonplaats] , is de

verhuizende ouder verantwoordelijk voor de haal- en/of brengmomenten naar de

niet-verhuizende ouder en de daarmee gepaard gaande reiskosten.”

De vader verzoekt de rechtbank, uitvoerbaar bij voorraad:

te bepalen dat het de ouders niet is toegestaan buiten een straal van 10 kilometer van hun beider adressen in [woonplaats] te verhuizen, zijnde de [adres 1] (adres van de vader) en de [adres 2] (adres van de moeder), op straffe van een dwangsom van € 50.000,- per maand, zonder maximum, tenzij ruim van tevoren uitdrukkelijk schriftelijk toestemming is gegeven door de andere ouder;

althans een beslissing te nemen die de rechtbank redelijk acht;

als voorwaardelijk verzoek, als de moeder tijdens onderhavige procedure is verhuisd:

- te bepalen dat de moeder wordt veroordeeld binnen een maand na de beschikking, althans een termijn die de rechtbank redelijk acht, terug te verhuizen binnen een straal van 10 kilometer van haar huidige adres in [woonplaats] , op verbeurte van een dwangsom van € 10.000,- voor iedere dag dat de moeder in gebreke blijft aan de af te geven beschikking te voldoen, zonder maximum;

ten aanzien van de hoofdverblijfplaats:

- te bepalen de hoofdverblijfplaats van [minderjarige] bij de vader wordt bepaald met ingang van de datum van indiening van het verzoekschrift, althans een datum die de rechtbank redelijk acht;

ten aanzien van de verdeling van de zomervakantie:

te bepalen dat de vader elk jaar twee aaneengesloten weken tijdens de bouwvakantie met [minderjarige] op vakantie kan gaan, waarbij de vader de moeder uiterlijk op 1 januari voorafgaand aan de zomervakantie van het komende jaar kenbaar zal maken om welke weken het zal gaan;

te bepalen dat de derde week van de zomervakantie waar de vader recht op heeft met [minderjarige] in onderling overleg wordt bepaald;

althans een beslissing te nemen die de rechtbank redelijk acht;

voorwaardelijk verzoek ten aanzien van de zorgregeling, als de rechtbank de verzoeken over het verhuisverbod en de hoofdverblijfplaats afwijst:

te bepalen dat [minderjarige] bij de moeder zal zijn in de oneven week van vrijdag na school tot zondag 18.00 uur, waarbij de moeder het halen en brengen voor haar rekening neemt, en te bepalen dat [minderjarige] de rest van de tijd bij de vader verblijft;

althans een beslissing te nemen die de rechtbank redelijk acht.

De moeder wil dat de vader niet-ontvankelijk wordt verklaard in zijn verzoeken, dan wel dat zijn verzoeken worden afgewezen. Zij verzoekt de rechtbank, voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad;

1. primair de vader te veroordelen tot nakoming van de gemaakte afspraken (met name artikel 5) in het ouderschapsplan, inhoudende dat de moeder mag verhuizen buiten een straal van 15 kilometer van [woonplaats] , mits zij het halen en brengen van [minderjarige] voor haar rekening neemt en de daarmee hangende kosten;

subsidiair te verklaren voor recht dat de vader toestemming heeft gegeven voor de verhuizing van [minderjarige] naar [plaats] ;

meer subsidiair te bepalen dat de toestemming van de vader voor een verhuizing van [minderjarige] naar [plaats] wordt vervangen door de toestemming van de rechtbank, en te bepalen dat de toestemming van de vader voor de inschrijving van [minderjarige] op het adres [adres 3] in [plaats] wordt vervangen door de toestemming van de rechtbank;

2. A. te verklaren voor recht dat partijen een zorgregeling zijn overeengekomen van 60% van de tijd bij de moeder en 40% van de tijd bij de vader, en daar ook uitvoering aan geven, een en ander conform productie 3 van de moeder;

en

B. te bepalen dat de vader in 2026 de eerste keuze heeft voor de zomervakantie

- drie weken - en de moeder het jaar daarop (2027) de eerste keuze heeft in welke drie weken [minderjarige] bij haar is, waarbij partijen uiterlijk op 1 januari voorafgaand aan de zomervakantie van het komende jaar hun voorkeur kenbaar zullen maken, althans een door de rechtbank in goede justitie te bepalen regeling;

3. de vader te veroordelen in de kosten van deze procedure.

3. De beoordeling

De rechtbank zal de beslissing op de verzoeken aanhouden en legt hierna uit waarom.

De moeder wil met [minderjarige] en haar huidige partner in [plaats] wonen. Zij hebben daar een huis gekocht. In de afgelopen jaren heeft [minderjarige] vaak in het weekend dat zij bij de moeder was in [plaats] verbleven, in de woning waar de partner van de moeder eerst woonde. Op dit moment verblijft [minderjarige] tijdens de dagen waarop zij volgens de geldende zorgregeling bij de moeder is in de nieuwe woning in [plaats] . Zij reist die dagen heen en weer naar haar school in [woonplaats] . Volgens de moeder vindt [minderjarige] deze huidige situatie goed. Dat heeft [minderjarige] ook in haar brief aan de rechtbank geschreven. De zorgregeling hoeft daarom bij een verhuizing niet te wijzigen. De moeder heeft de huur van haar woning in [woonplaats] nog niet opgezegd in verband met onderhavige procedure, maar daar verblijft zij niet of nauwelijks.

De ouders wonen in [woonplaats] ongeveer twee kilometer bij elkaar vandaan en dat zal bij een verhuizing naar [plaats] ruim 50 kilometer zijn. De vader vreest dat bij een verhuizing van [minderjarige] naar [plaats] het leven van [minderjarige] zich steeds meer verplaatst naar [plaats] , zeker als zij over een aantal jaar naar de middelbare school gaat en bijvoorbeeld zelf naar school wil reizen. Dat zal gevolgen hebben voor de omgang tussen hem en [minderjarige] . Verder is [minderjarige] volgens hem geworteld in [woonplaats] . Zij gaat daar naar school, volgt daar selectie turnen, en familie daar woont in de buurt. Als de moeder (met of zonder [minderjarige] ) wel in [plaats] gaat wonen, acht de vader voortzetting van de huidige zorgregeling niet in het belang van [minderjarige] .

In het ouderschapsplan staat een afspraak over een verhuizing (zie punt 2.4. van deze beschikking). De ouders verschillen van mening over de uitleg van die afspraak. Volgens de moeder mag een ouder buiten een straal van 15 kilometer van [woonplaats] verhuizen als de verhuizende ouder het halen en brengen op zich neemt. Zij vraagt daarom primair nakoming van de afspraak. De vader is het daar niet mee eens. Volgens hem is die afspraak geen vrijbrief om te verhuizen áls je maar haalt en brengt. Dat hebben zij niet afgesproken althans niet zo bedoeld, aldus de vader. Ook ontslaat het volgens hem de gezaghebbende ouder niet van de verplichting tot overleg van tevoren.

De moeder stelt verder dat de vader (indirect) toestemming voor de verhuizing heeft gegeven. Hij heeft namelijk niet gezegd dat hij niet achter de verhuizing naar [plaats] stond toen hij daarvoor de mogelijkheid had. Toen de vader hoorde dat het bod van de moeder was geaccepteerd, heeft hij geen bezwaar gemaakt. De moeder en haar nieuwe partner zijn daarna de koopovereenkomst gaan tekenen. Ongeveer twee maanden later heeft de vader laten weten dat hij het niet eens is met de verhuizing van [minderjarige] naar [plaats] . De vader betwist dat hij (indirect) toestemming voor de verhuizing heeft gegeven. Er werd volgens de vader een mededeling over de koop van het nieuwe huis gedaan in het bijzijn van [minderjarige] en anderen en hij wilde op dat moment geen ophef of ruzie veroorzaken.

De ouders zijn het dus niet met elkaar eens over een verhuizing van [minderjarige] naar [plaats] , of een verhuizing van de moeder (met of zonder [minderjarige] ) naar [plaats] gevolgen moet hebben voor de zorgregeling en zo ja welke. De ouders verzoeken de rechtbank een beslissing te nemen op de verzoeken die zien op de verhuizing en de zorgregeling. Zoals hiervoor in deze beschikking staat zal de rechtbank nu (nog) geen beslissing nemen op de verzoeken van de ouders.

In het ouderschapsplan staat namelijk dat als één van de ouders het voornemen heeft te verhuizen, zij dit vooraf met elkaar zullen bespreken en beoordelen of dit aanleiding vormt tot aanpassing van bepaalde afspraken in het ouderschapsplan. De ouders hebben dat naar het oordeel van de rechtbank niet voldoende gedaan. De rechtbank vindt dat zij alsnog uitvoering moeten geven aan deze afspraak.

Op basis van de ontvangen informatie is de rechtbank van oordeel dat de huidige zorgregeling, waarbij [minderjarige] doordeweeks drie dagen de reisafstand tussen [plaats] en [woonplaats] moet afleggen, te belastend voor haar is. De ouders moeten daarom overleggen over hoe de zorgregeling eruit gaat zien mocht de verhuizing naar [plaats] definitief worden. Dit kan bijvoorbeeld met een viergesprek (partijen en advocaten), maar wellicht is mediation een passende optie. Het zou voor [minderjarige] goed zijn als de ouders afspraken met elkaar kunnen maken. De ouders moeten hierin de regie nemen en beoordelen wat in het belang van [minderjarige] is. [minderjarige] is namelijk te jong om te overzien wat de situatie van nu betekent voor de toekomst op de langere termijn.

De rechtbank verzoekt de advocaten uiterlijk 22 oktober 2026 de rechtbank te informeren over de ontwikkelingen, of de ouders afspraken hebben kunnen maken en over de gewenste voortgang van de procedure. Daarna zal de rechtbank beslissen hoe deze procedure verder gaat.

De ouders hadden op het moment van de zitting op 17 juni 2026 al een afspraak gemaakt over de verdeling van de zomervakantie in 2026. Daarom zal de rechtbank ook de beslissing op het verzoek over de zomervakantie aanhouden.

Hierna volgt de beslissing.

4. De beslissing

De rechtbank:

houdt iedere beslissing aan tot 22 oktober 2026, met het verzoek aan de advocaten van de ouders om uiterlijk op die datum de rechtbank te informeren over de ontwikkelingen, of de ouders afspraken hebben kunnen maken en over de gewenste voortgang van de procedure.

Dit is de beslissing van de rechtbank, genomen door (kinder)rechters mr. L.A.C. de Vaan (voorzitter), mr. A.G. van Doorn en mr. N.J.W.G. Simons, in samenwerking met mr. M.J.W. Rietveld, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 7 augustus 2026.

Tegen deze beschikking kan - voor zover er definitief is beslist - door tussenkomst van een advocaat hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden. De verzoekende partij en verschenen belanghebbenden dienen het hoger beroep binnen de termijn van drie maanden na de dag van de uitspraak in te stellen. Andere belanghebbenden dienen het beroep in te stellen binnen drie maanden na de betekening van deze beschikking of nadat deze hun op andere wijze bekend is geworden.

Zittende Magistratuur

Griffier

  • mr. M.J.W. Rietveld

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand