ECLI:NL:RBNNE:2025:4407

ECLI:NL:RBNNE:2025:4407, Rechtbank Noord-Nederland, 21-10-2025, LEE 24/3434

Instantie Rechtbank Noord-Nederland
Datum uitspraak 21-10-2025
Datum publicatie 28-10-2025
Zaaknummer LEE 24/3434
Rechtsgebied Bestuursrecht
Procedure Proceskostenveroordeling
Jurisprudentie Netwerk (LiDo)
Aangehaald door 1 zaken
2 wettelijke verwijzingen

Aangehaald door

Wettelijke verwijzingen

BWBR0005537 BWBR0006358

Samenvatting

In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank het verzoek van verzoeker om een veroordeling van de minister in de proceskosten. Verzoeker heeft dit verzoek gedaan bij de intrekking van zijn beroep tegen het besluit van de minister van 8 juli 2024. Met dat besluit heeft de minister het administratief beroep van verzoeker niet-ontvankelijk verklaard. Verzoeker heeft het beroep ingetrokken omdat de minister dat besluit op 30 januari 2025 heeft vervangen door een inhoudelijk besluit op het door verzoeker ingediende administratief beroep. De rechtbank heeft de minister in de gelegenheid gesteld te reageren op het verzoek om veroordeling in de proceskosten. De minister heeft de rechtbank meegedeeld dat hij zich refereert aan het oordeel van de rechtbank. De rechtbank doet zonder zitting uitspraak op het verzoek om proceskostenveroordeling.

Uitspraak

[verzoeker], uit [woonplaats], verzoeker

(gemachtigde: mr. M.J.J.E. Stassen),

en

de Minister van Justitie en Veiligheid.

Inleiding

1. In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank het verzoek van verzoeker om een veroordeling van de minister in de proceskosten. Verzoeker heeft dit verzoek gedaan bij de intrekking van zijn beroep tegen het besluit van de minister van 8 juli 2024. Met dat besluit heeft de minister het administratief beroep van verzoeker niet-ontvankelijk verklaard. Verzoeker heeft het beroep ingetrokken omdat de minister dat besluit op 30 januari 2025 heeft vervangen door een inhoudelijk besluit op het door verzoeker ingediende administratief beroep.

De rechtbank heeft de minister in de gelegenheid gesteld te reageren op het verzoek om veroordeling in de proceskosten. De minister heeft de rechtbank meegedeeld dat hij zich refereert aan het oordeel van de rechtbank.

De rechtbank doet zonder zitting uitspraak op het verzoek om proceskostenveroordeling.

Beoordeling door de rechtbank

2. De rechtbank wijst het verzoek om proceskostenveroordeling toe. Zij legt hierna uit hoe zij tot dit oordeel komt.

Wanneer wordt een bestuursorgaan in de proceskosten veroordeeld?

3. Als een beroep wordt ingetrokken omdat het bestuursorgaan geheel of gedeeltelijk aan de indiener van het beroepschrift is tegemoetgekomen, kan de bestuursrechter op verzoek van de indiener dat bestuursorgaan bij afzonderlijke uitspraak veroordelen in de proceskosten.

Is de minister aan verzoeker tegemoetgekomen?

4. De rechtbank moet dus beoordelen of de minister geheel of gedeeltelijk aan verzoeker is tegemoetgekomen.

Op 8 augustus 2024 heeft verzoeker beroep ingesteld tegen het bestreden besluit waarin de minister het administratief beroep van verzoeker niet-ontvankelijk heeft verklaard.

De minister heeft op 30 januari 2025 het administratief beroep alsnog ontvankelijk verklaard en inhoudelijk beoordeeld. Hiermee is hij tegemoetgekomen aan het beroep van verzoeker.

Welk bedrag aan proceskosten moet de minister aan verzoeker vergoeden?

5. De rechtbank wijst het verzoek als kennelijk gegrond toe. Verzoeker krijgt een vergoeding van zijn proceskosten. De minister moet deze vergoeding betalen. Deze vergoeding bedraagt € 907,- omdat de gemachtigde van verzoeker een beroepschrift heeft ingediend. Verder zijn er geen kosten gemaakt die vergoed kunnen worden.

Krijgt verzoeker een vergoeding van het griffierecht?

6. De rechtbank wijst erop dat de minister verplicht is het door verzoeker betaalde griffierecht van € 187,- te vergoeden.Verzoeker moet zich hiervoor dan ook tot de minister wenden.

Beslissing

De rechtbank veroordeelt de minister tot betaling van € 907,- aan proceskosten aan verzoeker.

Deze uitspraak is gedaan door mr. P.G. Wijtsma, rechter, in aanwezigheid van E.D.M. Nijbroek, griffier.

Uitgesproken in het openbaar op 21 oktober 2025.

Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:

Informatie over verzet

Als partijen het niet eens zijn met deze uitspraak, kunnen zij een verzetschrift sturen naar de rechtbank waarin zij uitleggen waarom zij het niet eens zijn met deze uitspraak. Het verzetschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Als partijen graag een zitting willen om het verzetschrift toe te lichten, moeten zij dit in het verzetschrift vermelden.

Zittende Magistratuur

Rechter

  • mr. P.G. Wijtsma

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand