RECHTBANK OVERIJSSEL
Civiel recht
Kantonrechter
Zittingsplaats Enschede
Zaaknummer: 12237741 \ RR FORM 26-32
Vonnis van 25 augustus 2026
in de zaak van
1. [eiser], en
2. [eiseres],
tezamen wonende te [woonplaats 1],
eisende partijen, hierna samen te noemen: [eisers],
procederend in persoon.
tegen
[gedaagde] ,
wonende te [woonplaats 2],
gedaagde partij, hierna te noemen: [gedaagde],
niet verschenen.
1. De procedure
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- het aanvraagformulier met bijlagen van [eisers];
- de mondelinge behandeling van 14 augustus 2026. [gedaagde] is niet bij deze mondelinge behandeling verschenen en daarom is tegen hem verstek verleend.
Ten slotte is vonnis bepaald.
2. Het geschil en de beoordeling
[eisers] vordert veroordeling van [gedaagde] tot betaling van een bedrag van € 4.000,00 en de proceskosten. [eisers] legt aan het gevorderde ten grondslag dat [eisers] en [gedaagde] een overeenkomst hebben gesloten; [gedaagde] zou tegen betaling door [eisers] een tuinrenovatie uitvoeren. [eisers] heeft een bedrag van € 4.000,00 aanbetaald en [gedaagde] is – ondanks meerdere toezeggingen – niet gestart met de tuinrenovatie.
[eisers] wil daarom dat [gedaagde] de aanbetaling van € 4.000,00 terugbetaalt.
[gedaagde] is niet verschenen in deze procedure en daarom is tegen hem verstek verleend. De regelrechter wijst de tegen [gedaagde] ingestelde vorderingen toe, omdat deze haar niet onrechtmatig of ongegrond voorkomt.
[eisers] hebben de overeenkomst rechtsgeldig ontbonden. Dit maakt dat er een grond is voor toewijzing van de geldvordering; door de ontbinding moet [gedaagde] de aanbetaling terugbetalen.
Het gevorderde komt de regelrechter ook voor het overige niet onrechtmatig of ongegrond voor en zal als hierna te melden worden toegewezen.
[gedaagde] is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van [eisers] worden begroot op het griffierecht van € 265,00 en de reis- en verletkosten van € 50,00.
3. De beslissing
De kantonrechter
veroordeelt [gedaagde] om aan [eisers] te betalen een bedrag van € 4.000,00;
veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten van € 315,00, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als [gedaagde] niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend;
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.
Dit vonnis is gewezen door mr. J.M. Marsman en in het openbaar uitgesproken op 25 augustus 2026.
Bent u het niet eens met dit vonnis? Dan kunt u in verzet gaan door een schriftelijke mededeling aan de griffier van deze rechtbank, die wordt gedaan per gewone post of langs elektronische weg. Dat doet u in beginsel binnen vier weken na de betekening van het vonnis aan u in persoon of nadat u bekend bent geworden met het vonnis. De termijn begint ook op de dag waarop het vonnis ten uitvoer is gelegd. Er zijn uitzonderingen mogelijk op de termijn van verzet.
!
!
!