RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
Team strafrecht
Zittingsplaats Bergen op Zoom
zaaknummer : 11366039 \ MB VERZ 24-815
CJIB-nummer : [cjib-nummer]
uitspraakdatum : 4 september 2025
proces-verbaal van de zitting en uitspraak op een beroep op grond van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv)
in de zaak van
naam : [betrokkene]
adres : [adres]
woonplaats : [woonplaats]
hierna: betrokkene
gemachtigde : [gemachtigde]
Verloop van de procedure
Aan betrokkene is een administratieve sanctie (hierna: boete) opgelegd. Betrokkene heeft daartegen beroep ingesteld bij de officier van justitie. De officier van justitie heeft het beroep niet-ontvankelijk verklaard. Tegen die beslissing is door betrokkene beroep ingesteld bij de kantonrechter.
De zaak is behandeld op de zitting van 4 september 2025. Namens de officier van justitie is verschenen mr. R. Baltus (hierna: zittingsvertegenwoordiger). Betrokkene is niet verschenen. De kantonrechter heeft op de zitting uitspraak gedaan.
Standpunten
De gedraging waarvoor de boete is opgelegd luidt, kort omschreven: 21 km per uur harder rijden dan mag binnen de bebouwde kom op de Van Beethovenlaan te Roosendaal op
10 juli 2023 om 22.35 uur.
Betrokkene heeft in het beroepschrift samengevat aangevoerd dat het voertuig was verhuurd. Betrokkene heeft een huurovereenkomst meegezonden met het beroepschrift.
De zittingsvertegenwoordiger heeft verzocht het beroep de beslissing van de officier van justitie te vernietigen en het beroep gegrond te verklaren en heeft daartoe het volgende aangevoerd. De schouwrapporten waren ten tijde van de gedraging niet in orde.
Overwegingen
De kantonrechter is van oordeel dat niet is komen vast te staan dat de gedraging is verricht. Daarbij is van belang dat, zoals door de officier van justitie is aangegeven, de schouwrapporten niet in orde waren en daarom niet met zekerheid kan worden vastgesteld dat de betreffende bebording was geplaatst. Dit betekent dat de boete ten onrechte is opgelegd.
Het beroep is daarom gegrond. De beschikking waarbij de boete is opgelegd en de beslissing van de officier van justitie zullen worden vernietigd. Het bedrag dat betrokkene aan zekerheid heeft betaald moet door de officier van justitie worden terugbetaald.
Beslissing
De kantonrechter:
‒ verklaart het beroep gegrond;
‒ vernietigt de bestreden beslissing van de officier van justitie en de beschikking waarbij de boete is opgelegd;
‒ draagt de officier van justitie op het bedrag van € 242,- dat betrokkene als zekerheidstelling heeft betaald, aan betrokkene terug te betalen.
Deze uitspraak is gedaan door mr. M.A.V. van Aardenne, kantonrechter, bijgestaan door de griffier C.G. Zevenhuijzen, en in het openbaar uitgesproken op 4 september 2025.
Tegen deze beslissing is geen hoger beroep mogelijk.
Datum verzending: