ECLI:NL:RVS:2025:5163

ECLI:NL:RVS:2025:5163, Raad van State, 28-10-2025, 202504796/1/V3

Instantie Raad van State
Datum uitspraak 28-10-2025
Datum publicatie 05-11-2025
Zaaknummer 202504796/1/V3
Rechtsgebied Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Procedure Hoger beroep
Jurisprudentie Netwerk (LiDo)
Aangehaald door 1 zaken
2 wettelijke verwijzingen

Aangehaald door

Wettelijke verwijzingen

BWBR0005537 BWBR0011823

Samenvatting

Bij besluit van 28 juli 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie appellant in bewaring gesteld

Uitspraak

202504796/1/V3.

Datum uitspraak: 28 oktober 2025

AFDELING

BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak met toepassing van artikel 8:54, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht op het hoger beroep van:

[appellant],

appellant,

tegen de uitspraak van de rechtbank Den Haag, zittingsplaats Haarlem, van 21 augustus 2025 in zaak nr. NL25.36870 in het geding tussen:

appellant

en

de minister van Asiel en Migratie.

Procesverloop

Bij besluit van 28 juli 2025 heeft de minister appellant in bewaring gesteld.

Bij uitspraak van 21 augustus 2025 heeft de rechtbank het daartegen door appellant ingestelde beroep ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.

Tegen deze uitspraak heeft appellant, vertegenwoordigd door mr. S.L. Sarin, advocaat in Zaandam, hoger beroep ingesteld.

Overwegingen

1. Het hoger beroep leidt niet tot vernietiging van de uitspraak van de rechtbank. De rechtbank is namelijk terecht en op goede gronden tot haar oordeel gekomen. De Afdeling neemt de motivering onder 4.1 van de uitspraak van de rechtbank over.

1.1. Dit oordeel hoeft niet verder te worden gemotiveerd. De reden daarvoor is dat het hogerberoepschrift geen vragen bevat die in het belang van de rechtseenheid, de rechtsontwikkeling of de rechtsbescherming in algemene zin beantwoord moeten worden (artikel 91, tweede lid, van de Vw 2000).

2. De Afdeling ziet ook ambtshalve geen reden om de bewaring onrechtmatig te achten. Het hoger beroep is ongegrond. De Afdeling bevestigt de uitspraak van de rechtbank. De minister hoeft geen proceskosten te vergoeden.

Beslissing

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:

bevestigt de aangevallen uitspraak.

Aldus vastgesteld door mr. A.J.C. de Moor-van Vugt, lid van de enkelvoudige kamer, in tegenwoordigheid van mr. S. Nederhoff, griffier.

w.g. De Moor-van Vugt

lid van de enkelvoudige kamer

w.g. Nederhoff

griffier

Uitgesproken in het openbaar op 28 oktober 2025

918-1161

Zittende Magistratuur

Griffier

  • mr. S. Nederhoff

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand